Beleggen met turbo’s

Technische analyse

Beleggen met turbo’s (ook wel bekend onder de namen sprinters of speeders) is niet weggelegd voor beginners maar voor minstens beleggers met de nodige ervaring. Hoewel beleggen met turbo’s voordelen kan bieden in een portefeuille zijn er ook grote risico’s die men eigenlijk moet zien te vermijden. Het voordeel en direct ook het risico van beleggen met turbo’s zit in het beleggen met een hefboom. Met turbo’s is het mogelijk om te beleggen met een hefboom op onderliggende waarden zoals aandelen, indices, grondstoffen, valuta, obligaties en beleggingsfondsen.

Hoe werkt beleggen met turbo’s


Een turbo volgt een onderliggende waarde en een voordeel van turbo’s is dat hiermee ook op een daling van de onderliggende waarde kan worden ingespeeld. Wil men inspelen op een stijging van de onderliggende waarde dan kan dit met een turbo long, speelt men in op de daling van de onderliggende waarde dan kan dit met een turbo short. Wanneer u een turbo long koopt dan koopt de bank normaal gesproken de onderliggende waarde. Deels zijn de kosten dan voor de bank en deels zijn de kosten voor u als klant en dit is dan de waarde van de turbo. Het deel wat de bank financiert is het financieringsniveau, hierover betaald de belegger rente. Hier zit in een deel van de winst voor de bank, een ander deel van de winst is de spread (het verschil tussen bied en laat). De uitgever van de turbo zorgt namelijk voor een bied en laat welke mee beweegt met de onderliggende waarde. Deze spread is vaak klein maar met bijvoorbeeld een verschil van €0,02 zou de bank bij een order van 1.000 stuks €20 kunnen verdienen wanneer u koopt en direct weer verkoopt (€0,02 x 1.000 stuks). In het geval van de turbo long kan de investering van de bank in gevaar komen als de onderliggende waarde daalt. Hiervoor heeft de bank de stoploss ingebouwd, dit is een ingebouwde veiligheidsmaatregel voor de bank. Wanneer de stoploss geraakt wordt zal de turbo long verkocht worden, eventuele restwaarde zal dan worden uitbetaald maar in sommige gevallen blijft er geen restwaarde over en bent u de ‘investering’ kwijt. Hetzelfde is het geval wanneer u een turbo short heeft en de onderliggende waarde stijgt. Beleggen met turbo’s is dus riskant in een aantal gevallen, pas dus goed op en kijk altijd naar het stoplossniveau.

Handige vuistregel

Een groot voordeel van beleggen met turbo’s is dat met beperkte middelen eenzelfde resultaat behaald kan worden als met veel middelen. Een klein voorbeeld is voor €500 een turbo long kopen met een hefboom van 5 met als onderliggende waarde AB Inbev. Om hetzelfde resultaat te kunnen behalen met aandelen is er een factor 5 nodig van de €500, namelijk €2.500. Wanneer het aandeel AB Inbev 1% stijgt zou dat op een investering van €2.500 in aandelen een resultaat geven van €25. De turbo long stijgt 1% maal de hefboom van 5 = 5%, dus €500 + 5% geeft een resultaat van eveneens €25. Wilt u met weinig middelen toch in meerdere onderliggende waarden beleggen dan kan dit eenvoudig door te beleggen met turbo’s. Let wel op dat u zich niet laat verleiden tot grote investeringen met hoge hefbomen. Zou u €10.000 investeren in een turbo met een hefboom van 20 op onderliggende waarde ‘aandeel X’? Dit zou eenzelfde effect hebben als €10.000 maal 20 = €200.000 rechtstreeks investeren in het ‘aandeel X’.

Een voorbeeld van beleggen met turbo’s

Stel een belegger koopt een turbo long met als onderliggende waarde het aandeeel ‘Beursig’ (fictief natuurlijk 😉 ) welke een koers heeft van €20. De bank financiert hiervan €15 en de belegger betaalt €5. De hefboom kunt u berekenen door de koers van de onderliggende waarde te delen door de prijs die u zelf investeert:

Koers onderliggende waarde / intrinsieke waarde = hefboom

Koers ‘Beursig’ van €20 / uw investering van €5 = een hefboom van 4

Stijgt het aandeel ‘Beursig’ in een week met 5% dan zal de stijging van de turbo long 5 x de hefboom van 4 = 20% zijn. De waarde van de turbo stijgt dan van €5 naar €6. Andersom werkt het hetzelfde wanneer het aandeel ‘Beursig’ met 5% daalt, dan zal de turbo 5 x de hefboom van 4 = 20% dalen en is de waarde nog maar €4 voor de turbo. Hier gaan wij vanuit dat er geen transactiekosten zijn en/of rente en deze wegen in de praktijk wel mee. Mocht het aandeel ‘Beursig’ dalen van €20 naar €15 dan hebben de aandeelhouders een verlies van 25% maar wie een turbo heeft met een hefboom verliest zijn/haar hele inleg: 25% verlies maal de hefboom van 4 is 100% verlies.

Om de koers van een turbo te berekenen kunnen de volgende formules worden gebruikt:

Koers turbo long = (koers onderliggende waarde – financieringsniveau) / ratio

Koers turbo short = (financieringsniveau – koers onderliggende waarde) / ratio

Met een ratio is in eerdere voorbeelden geen rekening gehouden. Veel voorkomende ratio’s zijn 1, 10 en 100 (deze laatste vooral bij turbo’s op indices) en hiermee kan men de koers van de turbo verlagen. In plaats van een turbo short met een ratio van 1 en koers van €20 zal de turbo short met een ratio van 100 een koers hebben van €0,20.

Risico’s bij beleggen met turbo’s

Let op welke turbo, speeder of sprinter u koopt, zo zijn er bijvoorbeeld limited speeders welke een vastgestelde looptijd hebben. Daarnaast zijn er ook BEST sprinters en deze kenmerken zich door een hoge hefboom maar ook een risico op het verliezen van de gehele inleg net als bij limited speeders. Eigenlijk is het altijd oppassen bij een hoge hefboom, een hoge hefboom is er alleen wanneer de turbo snel de stoploss kan raken. Is er bijvoorbeeld een spike van enkele tellen dan kan een stoploss van een turbo short al geraakt zijn, of een korte dip van enkele tellen kan ook al de stoploss van een turbo long raken.

Pas op wanneer er belangrijk macro-economisch nieuws komt of nieuws dat direct veel invloed heeft op de aandelenbeurzen. In de gevallen komt het regelmatig voor dat de uitgever van de turbo geen bied en laat plaatst. Heeft u op dat moment bijvoorbeeld een turbo long op de AEX en er komt nieuws dat (veel) invloed zal hebben op de AEX dan kan het maar zo zijn dat u geen bied en laat ziet en in noodgevallen dus ook niet kunt verkopen!

Afwijkende handelstijden zijn ook een extra risico dat het beste vermeden kan worden. Als voorbeeld nemen wij de sprinters van ING, veel van deze sprinters zijn te verhandelen van 9:05 tot 17:30. Een ander deel is te verhandelen tussen 8:00 en 18:30, dit is vaak het geval bij onderliggende waarden die bijvoorbeeld in de VS een notering hebben. Stel Apple daalt plots veel in de VS nadat de handelstijden van de ING sprinters er op zitten (om 18:30) dan kan de stoploss geraakt worden zonder dat u de sprinters kunt verkopen. Let dus ook op als u een turbo, speeder of sprinters koopt met een onderliggende waarde in bijvoorbeeld de VS.

Een risico dat vaak onderschat is zit in het stoploss-niveau, dit stoploss-niveau wordt meestal per eerste beursdag van de maand aangepast. Deze aanpassingen kunnen komen door: dividenduitkering van het aandeel, doorrollen future (alleen van toepassing bij futures), corporate actions (zoals bij een aandelenemissie, een stocksplit of een reverse-stocksplit) en/of een aanpassing van de stop loss-buffer. Deze laatste kan soms heftige bewegingen veroorzaken bij een volatiele markt. Op ons beursforum was hier ooit een voorbeeld van bij Imtech waar iemand een turbo long had maar doordat Imtech in een korte tijd veel daalde werd het stoploss-niveau verhoogd waardoor de stoploss bijna werd geraakt. Onderstaande grafiek geeft aan dat een gelijkblijvende koers op termijn toch er voor kan zorgen dat de stoploss geraakt wordt.

turbo stoploss niveau beleggen met turbo's

 

Beleggen met turbo’s op het forum (klik hier)