Beleggers ABC – S

Schrijven van opties

Het verkopen van een call- of putoptie. Tegen ontvangst van een premie gaat men de verplichting aan om, respectievelijk, aandelen te leveren tegen de uitoefenprijs of aandelen af te nemen tegen de uitoefenprijs.

SEC

Securities & Exchange Commission (SEC). Amerikaans overheidsorgaan dat toezicht houdt op de handel in effecten op Amerikaanse beurzen.


Sentiment

Sentiment is een andere benaming voor stemming, hiermee bedoelt men de stemming op de beurs.

Short-positie

Verkopen van effecten die men niet heeft of het schrijven van een optie.

Slotdividend

Het dividend minus het al uitgekeerde interimdividend.

Slotkoers

Laatste koers van een bepaald effect bij de sluiting van een handelsdag.

Sluitingskoop

Terugkopen van een geschreven optie. Hiermee ontdoet men zich van een bijbehorende plicht.

Sluitingsverkoop

Het verkopen van een eerder aangekochte optie. Hiermee ontdoet men zich van een recht.

Small caps

Aandelen van bedrijven met een kleine marktkapitalisatie (= beurswaarde).

Split-up

Splitsing van aandeel in kleinere coupures.

Spread

  1. Optiestrategie waarbij opties uit een bepaalde klasse worden gekocht en tegelijkertijd opties uit dezelfde klasse maar in een andere serie worden geschreven.
  2. De spread is het verschil tussen de hoogste biedkoers en de laagste laatkoers.

Sprinter

Een sprinter is een beursgenoteerd beleggingsproduct. Met een sprinter kunt u versneld profiteren van een koersstijging of een koersdaling van een aandeel. Maar ook van een index, grondstof, obligatie of valuta. Vrijwel gelijkwaardige varianten van deze hefboomproducten zijn onder andere turbo’s en speeders.

Stockdividend

Dividend dat uitgekeerd wordt in de vorm van aandelen.

Stocksplit

Een stocksplit is het splitsen van één of meerdere ‘oude aandelen’ in een groter aantal ‘nieuwe aandelen’. Dit is vaak van toepassing bij aandelen met een hoge beurskoers. Als voorbeeld het aandeel X heeft een beurskoers van €500, er volgt een stocksplit waarvoor 5 ‘nieuwe aandelen’ voor elk ‘oud aandeel’ wordt uitgegeven. Wie 1 ‘oud aandeel’ X ter waarde van €500 zal hebben krijgt hiervoor 5 ‘nieuwe aandelen’ X met een waarde van €100 per stuk. Een stocksplit heeft vaak slechts een psychologisch doel omdat een lagere prijs van een aandeel aantrekkelijker lijkt voor (kleinere) beleggers en/of een aandeel toegankelijker is om in te beleggen. Een voorbeeld van een stocksplit was er in 2014 bij Apple waarbij 1 ‘oud aandeel’ werd omgezet in 7 ‘nieuwe aandelen’. De tegenhanger van een stocksplit is een reverse-stocksplit (klik hier voor de betekenis).

Straddle

Optiestrategie waarbij een belegger tegelijkertijd een  call- en putoptie koopt (long) of schrijft (short). Deze opties hebben dezelfde afloopmaand, uitoefenprijs en onder- liggende waarde.

Strangle

Optiestrategie waarbij een belegger tegelijkertijd een  call- en een putoptie koopt (long) of schrijft (short). Deze  opties hebben dezelfde afloopmaand maar verschillende uit- oefenprijzen (uitoefenprijs put is lager dan die van de call).

Swap

Omwisseling van vergelijkbare effecten, met als doel het behalen van een hoger rendement.

Syndicaat

Tijdelijke samenwerking van bankiers met als doel gezamenlijk nieuwe aandelen of obligaties uit te geven.

 

Klik hier om het beleggersforum te bezoeken